
Van het NedHIS-congres neem je, behalve een karrenvracht aan interessante informatie, leuke gesprekken en ruim voldoende calorieën, ook nog best onverwachte dingen mee. Daar kom ik zo op terug. Maar het was in Vianen vooral een gelukzalig gezoem van zorgprofessionals die zich van sessie naar sessie spoedden en kritische vragen stelden. Zie ook de uitgebreide impressie in deze editie van SynthesHis. Veel AI, natuurlijk. Waar gaat het heen? En waar moet het vooral niet heen? Hang naar betere zorg en angst voor het onbekende streden om voorrang. Ik vond het mooi om te zien hoe serieus iedereen haar of zijn vak neemt. Dat is hartverwarmend en stelt me op een of andere manier gerust. Maar, zoals dat gaat, serieusheid kent zijn max laadvermogen. Dan laait het verlangen naar losheid op. Of ik al goodies had gehaald bij de verschillende stands, vroeg een praktijkmanager met wie ik aan de praat was. Ik zei van nee. Dat kon echt niet, zei ze. Dus werd ik op sleeptouw genomen door de praktijkmanager en een CMIO. ‘Heb je die sokken al? Meenemen!’ Bij Nictiz hadden ze pleisters en bij een volgende stand nog meer gokken. En pennen, veel pennen, en schuifjes om de camera van je laptop mee af te dekken, bij een stand die aan hoogwaardige cybersecurity deed. ‘Kijk, daar hebben ze fietslampjes’, zei de CMIO. Bij sommige stands maakten we een praatje, bij andere stands was men lunchen. We hielden het netjes, al had ik opeens wel een heel chill waterflesje in mijn tas. Ik voelde me deel van een groepje twaalfjarigen op jacht naar stickers. Dat zo’n congres met huisartsen, praktijkassistenten en -ondersteuners de puber in je naar boven brengt en je een aantal decennia jonger laat voelen dan je bent, dat zou je ook als een wonder van de huisartsenzorg kunnen beschouwen. Intussen zit ik thuis te proberen die sokken te passen die klaarblijkelijk voor de voeten van een twaalfjarige zijn gemaakt. Veel leesplezier!

Als ik aan kennissen of bekenden vertel dat ik voor een blad over huisartsinformatiesystemen werk, dan zie ik bij het uitspreken van het h-woord al vraagtekens in vele ogen. Leg ik dan uit dat hun huisarts er ook een heeft en niet zonder kan, keert het begrip vaak weer wat terug. Maar als ik dan verder ga en zeg dat elk HIS een gebruikersvereniging heeft, dat die verenigingen onder de koepel NedHIS vallen en dat een aantal van deze verenigingen het magazine SynthesHis uitgeeft, dan zegt de betreffende gesprekspartner vaak: even een nieuw drankje halen, zo terug. En je weet hoe dat gaat. Wat ik maar wil zeggen: we bevinden ons in de bubbel aller bubbels.
Dat was misschien tijdens de laatste NedHIS-studiedag ook het geval (een verslag is te lezen op de pagina’s 29-30), toch voelde dat niet zo. In de zaal vol huisartsen, praktijkondersteuners en dienstverleners schemerde de zorg voor de patiënt door alle demo’s, discussies en vragen heen. Wat schieten onze patiënten op met innovatie zus of zo? Hoe maken we het handiger en inzichtelijker voor hen? Over bubbels gesproken: sommige dingen kunnen ook maar beter in een bubbel blijven. Zoals gevoelige patiëntinformatie bijvoorbeeld. Die moet je goed en correct met anderen in de zorgketen kunnen delen en voor de rest: in de bubbel, in de vertrouwelijkheid tussen arts en patiënt. Wat er gebeurt als die bubbel barst en de data van patiënten in verkeerde handen vallen, hebben we gezien bij het datalek van Bevolkingsonderzoek Nederland. Daarover gaat het ook in dit magazine, bijvoorbeeld in het artikel over de kansen en risico’s van AI in de spreekkamer. Verder vind je interessante artikelen over digivaardigheid in de zorg en over nog meer AI-toepassingen, onder meer bij het communiceren met patiënten en het doorzoeken van richtlijnen. Oh ja, degene die een drankje ging halen, kwam toch terug. En we hadden nog een goed gesprek over bubbelwijn, bellenblazen en patiëntgegevens. Veel leesplezier!

